Beelddenken?

Kinderen nemen informatie op verschillende manieren tot zich en verwerken deze op de manier die het best bij hen past door middel van verwerkingskanalen.
We kennen 4 verwerkingskanalen: auditieve verwerkingskanaal, visuele verwerkingskanaal, tactiele verwerkingskanaal, kinesthetische verwerkingskanaal.

pib-aditief-visueel-etc

Het kan daarnaast ook zijn dat een kind een combinatie van verwerkingskanalen gebruikt bij het denken en leren.

Beelddenkende kinderen zien plaatjes en prentjes in hun hoofd. Ze ‘moeten’ iets eerst kunnen zien voordat ze het kunnen begrijpen of leren. We noemen deze kinderen ook wel ‘ogenslim’. Ze leren en denken met behulp van hun visuele systeem. Alle baby’s worden geboren als beelddenker, maar niet iedereen blijft beelddenker gedurende zijn hele leven.

We geven graag een aantal voorbeelden van kenmerken van kinderen met een auditieve of visuele voorkeur. We stellen het hier zwart-wit voor, maar houd in het achterhoofd dat de verschillen niet steeds zo duidelijk afgebakend zijn als dat ze hier weergegeven worden.

Een kind dat in beelden denkt… Een kind dat in ‘woorden’ denkt…
…blinkt uit in associëren …houdt van het volgen van een stappenplan
…leert graag topdown (geheel naar deel) …kan goed stapje voor stapje leren
…lijkt te dromen, maar is informatie aan het verwerken …kan zich goed concentreren wanneer een auditieve uitleg gegeven wordt
…heeft veel fantasie …is goed met tijd en het maken van een tijdsinschatting
…is (vaak) gevoelig …houdt over het algemeen van taal en rekenen (procedures)
…kan goed andere oplossingen bedenken, heeft een unieke kijk op bepaalde zaken …kan goed plannen en organiseren

De grootste groep mensen heeft zowel een auditieve als een visuele voorkeur. We noemen hen dan ook wel de woord-beelddenkers.

Daarnaast zijn er ook mensen met een tactiele voorkeur. Ze houden ervan om dingen aan te raken, te voelen en te beleven. Tot slot onderscheiden we ook een groep mensen die een auditief-digitale voorkeur hebben. Deze mensen houden van redeneren, weten, argumenteren en denken. We merken dat ze vaak in een innerlijke dialoog voeren.zandloper-pib

Nu terug naar ‘onze’ beelddenkers!

Beelddenkers verwerken ongeveer 32 beelden (gedachtebeelden)
per seconde. Ze kunnen in hun hoofd dus plaatjes en filmpjes zien. Aan deze plaatjes en filmpjes zitten vaak ook nog gevoelens gekoppeld.

Je kan je voorstellen dat een beelddenker op het einde van een dag zijn hoofd vol plaatjes heeft en dan het gevoel kan hebben dat z’n hoofd helemaal vol zit. Het kan dan belangrijk zijn om het hoofd goed op te ruimen of het plaatje waar de beelddenker last van heeft weg te gooien (of op een andere manier op te ruimen die bij de beelddenker past).

Beelddenkers hebben tijd nodig om auditieve informatie visueel te maken. Ze hebben dan ook een iets langere verwerkingstijd, waarbij ze de woorden om zetten in beelden.

Beelddenken is een prachtige eigenschap en veel kinderen ondervinden er ook geen moeilijkheden mee thuis of op school.
Voor een aantal kinderen is het moeilijker om bijvoorbeeld leerstof te verwerken.
Het kan zijn dat ze een extra steuntje in de rug nodig hebben.

Tekst door: Laura Molkens

 

Heb je ‘honger’ naar (nog) meer informatie? KLIK DAN HIER